T: (038) 720 07 30 E: info@voetenbeweging.nl

Marnix de Romph: “Van strijden voor eigen belangen naar patiëntgericht samenwerken”

Marnix de Romph: “Van strijden voor eigen belangen naar patiëntgericht samenwerken”
20 januari 2019 Anke Jansen

“Zorgprofessionals, verzekeraars, politici: om de omslag te maken naar zorg die werkelijk is ingericht in het belang van de patiënt, hebben we elkaar hard nodig.” Aan het woord is Marnix de Romph. Behalve voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Podotherapeuten (NVvP) is hij ook directeur van P3NL (federatie van psychologen, psychotherapeuten en pedagogen) en van de Organisatie van Nederlandse Tandprothetici (ONT). Daarnaast brengt Marnix ruime ervaring mee vanuit de eerstelijnszorg, onder andere als begeleider van het fusieproces van InEen. Voor welke branche in de gezondheidszorg hij zich ook inzet, de vraag die hij bij ieder nieuw voorstel en elke afspraak of maatregel stelt is: wordt de zorg er beter van? 

Wie is Marnix de Romph?

Marnix begon zijn loopbaan met vijf jaar tv-journalistiek voor de Evangelische Omroep. “In die periode ontdekte ik twee dingen: dat mijn interesse vooral uitging naar de thema’s zorg en minderheden én dat ik niet alleen verhalen wilde vertellen, maar actief wilde bijdragen aan verbetering. Het zal mijn Rotterdamse aard wel zijn: ik wil niet alleen praten, er moet ook wat gebeuren.” 

Via de functie als woordvoerder bij het Erasmus Medisch Centrum en een korte periode als eindredacteur bij het tv-programma Vinger aan de pols raakte Marnix definitief verzeild in bestuurlijke functies in de zorg. “Daarbij kies ik altijd voor het perspectief van de professional, vanwege zijn directe betekenis voor de patiënt. Zorgprofessionals zijn bevlogen mensen, maar hebben vaak moeite met de vertaling naar beleid en bestuur. Juist daarin kan ik van waarde zijn.”

Het is ook de Rotterdammer in hem die Marnix ertoe aanzette om – eerst vanuit de thuiszorg, later vanuit zijn eigen bedrijf – gezondheidscentra op te zetten.  “Wie uitsluitend advies- of bestuurlijke taken heeft, kan gemakkelijk loszingen van de praktijk. Je moet je altijd afvragen wat het beleid dat je uitzet oplevert voor wat er in de spreekkamer gebeurt tussen patiënt en professional. Doe je dat niet, dan loop je het risico dat je te vaag blijft en de afstand naar de praktijk niet overbrugt, teveel administratieve belasting op de schouders van de professional legt, teveel acteert vanuit controledrang enzovoort.”

“Mijn droom voor de voetzorg: multidisciplinair werken aan betere patiëntenzorg”

Sinds april 2018 ben je voorzitter van de NVvP. Wat staat er de komende jaren op de agenda?

“In de zorg hebben we veel last van domeindenken. Niet alleen in de voetzorg. Ook bij bijvoorbeeld de psychologen, psychotherapeuten en pedagogen is in de loop van de tijd een veelheid van disciplines ontstaan. Nog veel meer zelfs dan in de voetzorg. Van die onduidelijkheid hebben niet alleen de patiënten last, maar ook de zorgprofessionals zelf. Het is belangrijk dat zij gaan opzoeken en benoemen wat het unieke en onvervreemdbare van hun eigen professie is, en tegelijk de professionele deskundigheid van de andere professionals in de voetzorg zien en waarderen. Daarop ligt de komende jaren bij de NVvP dan ook de focus. Zo hebben we net een nieuw beroepscompetentieprofiel geschreven en richten we ons op het ontwikkelen van multidisciplinaire richtlijnen en zorgmodules. Daarnaast is er onlangs een nieuwe beroepscode opgesteld, waarin het gaat over hoe wij vinden dat we moeten omgaan met elkaar en met patiënten. Naar buiten toe willen we de kennisagenda verder verdiepen. De kennisagenda is onderdeel van een meerjarig onderzoeksprogramma in de paramedische zorg en beschrijft de kennisbehoeften en kennishiaten in de verschillende vakgebieden. Naar binnen toe willen we zorgen dat er geen verdere versnippering ontstaat. Een podotherapeut met een specialisatie blijft een podotherapeut. Het moet helder blijven. Duidelijkheid over ieders rol en competentie is de basis voor een goede, patiëntgerichte samenwerking.”

Hoe slecht je muurtjes en schotten om te komen tot multidisciplinair samenwerken?

“Door te werken met zorgpaden. In de voetzorg is de vraag groter dan het aanbod. We hebben elkaar dus hard nodig om aan de zorgvraag te voldoen, van schoenmaker tot internist. Maar ook in de financiering van zorg is sprake van domeindenken, met als gevolg belemmerende schotten en belangengevechten. Het primaire belang – dat van de patiënt – verlies je dan gemakkelijk uit het oog. Door samen zorgpaden te ontwikkelen, voorkom je dit. Want daarin staat de patiënt centraal en is de vraag welke professional op welk moment in beeld moet komen; een heel ander uitgangspunt! Een voorbeeld is de diabetische ketenzorg. Deze zorg kan alleen multidisciplinair goed worden geleverd. Maar niet alleen de zorgprofessionals zijn betrokken bij het inrichten van een zorgpad; hiervoor is co-creatie nodig met verzekeraars, patiëntenverenigingen en andere beroepsorganisaties. Dat is nieuw en spannend. Gelukkig merk ik dat er binnen de NVvP ruimte is om hierover na te denken.”

Zorgpaden als tovermiddel?

“Multidisciplinair zorgpaden ontwikkelen komt de patiëntenzorg ten goede. Hiervoor is wel een andere bekostiging nodig. Want nu staat de financiële prikkel soms centraal en niet de kwaliteit van zorg. Kijk maar naar de aanbestedingen in de thuiszorg: die brengen enorme kosten met zich mee, maar de patiënt wordt er niet beter van. Verandering van het bekostigingssysteem in de zorg is geen sinecure. Regionale verschillen moeten er ook in worden meegenomen. In de loop van de jaren hebben verzekeraars, die als wettelijke taak het bewaken van het macrobudget hebben, veel maatregelen genomen die helaas een ongewenst bijeffect bleken te hebben. De belangrijkste reden is dat de verzekeraar op basis van marktwerking moet inkopen. Met deze concurrentieoverwegingen houden we onszelf echter gevangen in een systeem dat niet in het belang van de patiënt werkt. Een voorbeeld daarvan zie je bij de GGZ, die met flinke wachtlijsten kampt – met alle gevolgen van dien voor patiënten – terwijl er tegelijkertijd jaarlijks een onderschrijding van het budget is. Dat komt onder meer doordat verzekeraars de verzoeken tot bijcontracteren halverwege het jaar bijna altijd afwijzen, met als argument dat instellingen dit geld besteden aan andere zaken dan het wegwerken van de wachtlijst. Zo houden verzekeraar en zorginstellingen elkaar in een wurggreep. Dit kun je alleen maar ‘omdenken’ door het perspectief van de patiënt centraal te stellen. Marktwerking staat patiëntgericht samenwerken in de weg.”

“We moeten meer de mens willen zien dan de patiënt. Dan volgt de verandering vanzelf.’’

Dus je vindt dat het zorgstelsel op de schop moet?

“Het zorgstelsel is gebaseerd op de perverse prikkel ‘geld’. Zorgverleners worden beloond voor het leveren van ‘zorgprestaties’. In feite hebben ze er daardoor zelfs belang bij dat patiënten ziek blijven. Het zou net andersom moeten: zorgprofessionals zouden mensen moeten helpen zo gezond mogelijk te blijven en zouden daarvoor beloond moeten worden. De tweede perverse prikkel is de angst om te stoppen met behandelen en de angst om aansprakelijk te worden gesteld als het misgaat. 

Een omslag van een omvangrijk systeem als dit realiseer je niet zomaar even. Het kost tijd en geduld en het is belangrijk dat je met beleid sloopt; dat je niet per ongeluk een draagmuur omverwerpt terwijl je beter kunt zorgen dat er een doorgang in komt. Het huidige kabinet heeft besloten dat er in deze kabinetsperiode geen nieuw zorgstelsel komt. Maar ik ben een optimist. Als we hierover als beroepsverenigingen voortdurend in gesprek blijven met de ministers, de staatssecretaris en Tweede Kamerleden en voorbeelden blijven noemen van hoe het anders kan, als we meer de mens willen zien dan de patiënt, komt er uiteindelijk vanzelf verandering. Ook politici en mensen die bij zorgverzekeraars werken zijn namelijk bevlogen beroepsbeoefenaars. We hebben elkaar nodig. Mijn maximale termijn als voorzitter van de NVvP is acht jaar. Ga ik de stelselwijziging meemaken? Het gaat erom spannen!”

I.v.m. de zomervakantie zijn wij gesloten van maandag 29 juli tot en met vrijdag 9 augustus 2019. Telefonisch zijn wij wel bereikbaar.